Uit een onlangs gepresenteerd onderzoek blijkt dat van de grootste gemeenten de gemeente Almere de hoogste uitstoot van CO2 per inwoner op haar conto kan schrijven. Dit komt vooral doordat Almere veel inwoners kent die veel met de auto rijden,

Dit komt vooral doordat Almere veel inwoners kent die veel met de auto rijden, zowel in Almere zelf als ook voor woon-werkverkeer naar andere steden zoals Amsterdam en Utrecht. Bovendien wordt er relatief weinig gefietst. Bron:Goudappel-Coffeng
Om deze CO2-uitstoot terug te dringen en een leefbare omgeving te behouden, zou Almere meer prioriteit bij het klimaatbeleid moeten leggen. Dit standpunt sluit overigens aan bij de tot nu toe uitgesproken duurzame ambities. GroenLinks constateert dat het college hier vaak over praat, maar te weinig laat zien. Groenlinks hoopt dat deze nieuwe onderzoeksconclusies wel aanleiding zijn voor het college om hun woorden in daden om te zetten.
Mede naar aanleiding van de Tv-uitzending van Omroep Flevoland op j.l. 20 nov. heeft Jolanda van Dijk de volgende vragen aan het college gesteld:

1. Heeft het college kennis genomen van onderzoek van het daarin genoemde adviesbureau, te weten de Benchmark CO2-emissies personenmobiliteit van Goudappel Coffeng?

2. Zo ja; deelt het college de daarin geformuleerde conclusie dat Almere de hoogste CO2-emissie per inwoner kent?

3. Is het college het met GroenLinks eens dat er een direct verband is tussen enerzijds deze CO2-emissie en duurzaamheidambities van Almere?

4. Zo ja; hoe verhoudt deze conclusie zich met de ambities die het college heeft met betrekking tot de Almere principles en het hieruit voortvloeiende te voeren klimaatbeleid?

5. Hoe gaat het college bij toekomstige ruimtelijke en mobiliteitsopgaven rekening houden met deze hoge CO2-emissie per inwoner?


Toelichting:
Een gemiddelde inwoner van Nederland stoot per jaar ongeveer 1.100 kg CO2 uit als gevolg van het verplaatsingsgedrag. Dat komt overeen met de uitstoot van zeven autoritten op en neer tussen Amsterdam en Parijs. Het verschil in CO2-emissie per inwoner tussen een gunstig en een ongunstig scorende gemeente bedraagt een factor 3. Tussen de Nederlandse gemeenten zijn er dus grote verschillen. Dit maakt het belangrijk om bij toekomstige ruimtelijke en mobiliteitsopgaven met deze factor rekening te houden. Denk hierbij aan de structuurvisie Almere 2.0, die nog steeds niet door de raad is besproken.
Opvallend in dit verband is dat van de grote Nederlandse steden juist een gemeente als Almere de hoogste kent. (Bron: Benchmark CO2-emissies personenmobiliteit; Goudappel Coffeng).
De verschillen worden verklaard door een complex aan factoren, waarbij in ieder geval van belang zijn:
- de bevolkingssamenstelling van een gemeente;
- de ruimtelijke kenmerken;
- het verplaatsingsgedrag van de inwoners.

Actieve leeftijdsgroepen (25 tot 50 jaar) maken relatief meer verplaatsingen. De bevolkingssamenstelling heeft derhalve invloed op het aantal verplaatsingen dat een inwoner maakt. Gemeenten met veel inwoners in de mobiele levensfase scoren relatief slecht op CO2-emissies in de personenmobiliteit. Dit zijn vooral gemeenten met een forse woningbouwopgave in de afgelopen jaren, zoals Almere, Haarlemmermeer en Amersfoort. Ruimtelijke kenmerken van een gemeente of regio beïnvloeden de lengte van de verplaatsingen die inwoners maken. Bepalend zijn:
- het voorzieningenniveau;
- de afstand tot de werkgelegenheid;
- de ruimtelijke opbouw van een gemeente.

Gezien de toekomstige ontwikkelingen van Almere acht GroenLinks het van belang dat het college voor de komende jaren beleidsmatig een bijdrage levert aan de CO2- reductie ten behoeve van een leefbare omgeving. Het hierboven genoemde rapport geeft handvatten voor strategische keuzen in de ontwikkeling naar meer duurzame mobiliteit. Een effectieve beleidsinzet bestaat in essentie uit vier pijlers (de vier v’s):
1) voorkomen van verplaatsingen;
2) verkorten van verplaatsingen;
3) veranderen van de vervoerwijzekeuze;
4) verschonen van de voertuigen zelf.

CO2-reductie is voor gemeenten en regio’s de komende jaren een
belangrijke uitdaging. De CO2-emissie als gevolg van mobiliteit en de effecten van maatregelen zijn in beeld te brengen. Daarmee wordt de weg geopend naar verifieerbare bestuurlijke doelstellingen en afspraken op dit onderdeel.
Langetermijnbeleid wordt nu gemaakt. Vragen die nu
relevant zijn:

- Wat is de huidige CO2-emissie door mobiliteit in Almere?
- Wat zijn de effecten van het voorgenomen beleid?
- Wat zijn realistische CO2-ambities rekening houdend met de beleidsruimte?
- Wat moet Almere van andere overheden verwachten?

CO2-emissie is erkend als mondiaal probleem
Door een versterkt broeikaseffect verandert het klimaat wereldwijd. De gevolgen hiervan zijn voor iedereen merkbaar. Een belangrijke oorzaak van het klimaatprobleem is de CO2-uitstoot door het gebruik van aardolie. Er is een groeiende consensus dat we de CO2-emissies de komende jaren sterk moeten verminderen. Om de klimaatverandering binnen acceptabele grenzen te houden, is de opgave de mondiale CO2-emissies te halveren ten opzichte van 1990.
Om ontwikkelingslanden nog ruimte te bieden voor economische groei, heeft de Westerse wereld de opgave om te streven naar 80% reductie. In 1997 zijn hierover de eerste afspraken gemaakt in het Kyoto-protocol. In de aanstaande klimaatconferentie in Kopenhagen staan de vervolgafspraken op de agenda.

Bijdrage van verkeer en vervoer
Ongeveer 20% van de CO2-uitstoot in Nederland komt voor rekening van verkeer en vervoer. Als we de huidige trend van het groeiende verkeer niet doorbreken, dan neemt dit aandeel de komende decennia fors toe. Een trenddoorbraak is te forceren door ambitieuze doelen te stellen en het klimaatbeleid een centrale plaats in de mobiliteitsdiscussie te geven.

Jo Maas, fractiesecr.